Ik had altijd het idee dat emoties voelen beter is dan emoties analyseren. Maar deze week zat ik in een situatie waarin analyseren me juist echt verder hielp. Ik ben weer begonnen met netwerken, en ik wilde onderzoeken waarom ik daar achteraf toch zo snel door ontmoedigd raak.
Volgens mij hoort zo’n proces namelijk als volgt te gaan: je doet iets spannends (zoals een netwerkgesprek), het lukt, je ervaart opluchting, en de keer erna gaat het makkelijker en voel je je vrijer. Maar bij mij gaat het anders. Ik ontdekte dat dit haperende proces vooral komt door een enorme golf van schaamte achteraf. Aanvankelijk begin ik enthousiast, maar na afloop gooit mijn innerlijke criticus roet in het eten. Die kraakt me genadeloos af, waardoor ik me daarna eigenlijk nóg ongemakkelijker voel en direct weer wil afhaken. Het werkt als een enorme rem.
Ik wilde onderzoeken waar die schaamte precies vandaan kwam. Toen kwam er een gedachte in me op, vanuit een observerend deel van mezelf, die me direct raakte: is dat zeurende gevoel dat ik dingen niet goed heb gedaan, eigenlijk niet gewoon mijn eigen sociale pijn en ongemak? Dat voelde meteen raak.
Ik merkte het bijvoorbeeld na een recente afspraak. We hadden het uitgebreid over onze passies, over schilderen en schrijven. Bij het afscheid had ik de ander daardoor eigenlijk graag een knuffel willen geven, maar ik durfde niet meer. Tijdens ons gesprek had zij het namelijk expliciet benoemd als een ‘netwerkgesprek’. Ze vertelde hoe goed ze daarin is en hoe graag ze dat doet. Daardoor werd ik voorzichtiger en legde ik de bal voor het afscheid meer bij haar. Zij had mij bovendien uitgenodigd, dus ergens vond ik dat ook logisch. Toch liet het me achter met een rotgevoel.
Toen besefte ik: ik weet helemaal niet of zij datzelfde ongemak voelde. Misschien vond zij het prima zo. En zelfs als zij het ook ongemakkelijk vond, dan is dat niet automatisch mijn verantwoordelijkheid.
Wat voor mij vooral waar was, is dat het afscheid voor míj ongemakkelijk voelde en dat dat simpelweg pijn deed. Toen ik die pijn gewoon bij mezelf erkende, in plaats van die meteen om te zetten in schaamte of op haar te projecteren, viel er direct iets weg.
Dat vond ik zo’n mooi inzicht: mijn schaamte komt niet per se voort uit iets dat ik verkeerd heb gedaan. Het komt uit mijn eigen sociale pijn en ongemak, die ik projecteer op de ander en vervolgens ervaar als schaamte. Juist door dat even haarfijn te analyseren, kon ik het beter voelen op de juiste plek. En dat hielp stukken beter dan in de emotie blijven hangen.





