Dissociatie is zoiets geks

Dissociatie is zoiets geks. Je bent nog wel jezelf, maar toch is alles anders. Één deel van mij blijft altijd helder, observerend. Daarmee observeer ik haarscherp dat een ander deel van mij totaal overweldigd is. Door een teveel aan prikkels. Of vaak ook door een specifieke trigger, die ik gelukkig al steeds beter leer herkennen.

Mijn concentratie is ver te zoeken. Dat is vaak het eerste dat ik merk. Alsof er een deken over me heen wordt gelegd. Een waas. Ergens kalmerend, maar ook heel vervreemdend.

Ik heb inmiddels wel geleerd dat dissociatie iets anders is dan ‘echt’ gek worden. Hoe gek de wereld ook aanvoelt, ik weet altijd nog wat echt is. Ik kan me dan ook vrij normaal gedragen, op de automatische piloot. Maar die automatische piloot, dat ben ik niet zelf. Zo voelt het althans niet. Ik zit ergens veilig weggestopt diep in mijn psyche. Of in de ruimte. Of op de zeebodem. In elk geval niet helemaal in de gedeelde realiteit van alledag.

Of ja, soms ben ik dan wél in het moment. Maar zo ver ingezoomd op details op uitgezoomd op de grote lijnen, dat de normale emoties aan mij voorbijgaan.

Het leven voelt dan meer existentieel. Mijn vragen dieper, mijn angsten te groot voor dit leven. Alsof niemand mij ooit zal kunnen begrijpen.

Soms ga ik opzoek naar een plek waar ik dit soort ervaringen kan delen met anderen. Naar een plek om me er iets minder alleen in te voelen. 

Hoewel ik soms een andere ziel tref die op dezelfde golflengte lijkt te zitten, heb ik deze plek nog steeds niet echt gevonden. Een plek waar ik écht gezien wordt terwijl ik mezelf ben.

Dus mijn zoektocht gaat nog even voort…